Algemeen • 16 december 2024

Doelstelling 2030 Samen Tegen Voedselverspilling in zicht

Er wordt 20 procent minder voedsel verspild ten opzichte van 2018. Dat vertelt Toine Timmermans, directeur van de stichting Samen Tegen Voedselverspilling, tijdens de stakeholdervergadering op 2 december in Veghel. “Een prachtig resultaat, maar we zijn er nog niet!” De komende 6 jaar is er nog 30% te gaan om het doel van de stichting te bereiken. Bakery Sweets Center was aanwezig bij dit event en deed verslag.

De stakeholdersbijeenkomst is een jaarlijks event van Samen Tegen Voedselverspilling, waarbij met de partners van de stichting – de stakeholders, meer dan 100 in totaal – terug wordt gekeken en vooruit wordt geblikt. De stichting is opgericht in 2018 met als doel in 2023 voedselverspilling in NL met 50 procent te hebben teruggebracht. We hebben het dan over 2 miljard euro (2018), dat terug moet worden gebracht naar 1 miljard in 2030. We zijn dus precies halverwege.

Onbesproken

Wim Kannegieter, directeur van de Nederlandse Vereniging voor de Bakkerij (NVB) – de brancheorganisatie voor industriële bakkerijen, sinds 2020 stakeholder – geeft in een presentatie aan dat foodwaste in eerste instantie niet zo’n gespreksonderwerp was binnen de NVB, maar nu wel. Brood en banket moeten als product onbesproken zijn, stelt hij. Daarom is de NVB in eerste instantie pro-actief met zoutreductie aan de slag gegaan en nu actief met het terugdringen van voedselverspilling. Dat monitort de vereniging ook, sinds 2020. Toen deden 12 leden mee, nu (2024) 44 leden. De uitkomst van de meest recente meting (2024) is dat er 40% minder wordt verspild. Hoofdzakelijk door efficiënter te werken. Kannegieter is er dan ook van overtuigd dat de 50% in 2030 wordt gehaald.

Hogere verwaarding

Jolanda Dings, directeur Sustainability bij Lamb Weston, wijst er in haar verhaal op dat zij schakelt op drie thema’s als het gaat om verspilling, namelijk op de drie v’s: voorkomen, verminderen en een hogere verwaarding van de reststromen die er dan toch nog zijn. Ook Dings geeft aan dat 50% reductie van verspilling in 2030 haalbaar is. Ze is in dat kader een groot voorstander van het monitoren van waste. “In eerste instantie was verspilling onbespreekbaar. Bedrijven schamen zich er eigenlijk voor en ontkennen dan dat er sprake van is. Dat is natuurlijk niet zo. Nu zijn we die schaamte voorbij en is waste een belangrijk, bespreekbaar onderwerp. Binnen onze brancheorganisatie VAVI (de Vereniging voor de Aardappelverwerkende Industrie) meten we sinds 4 jaar verspilling. Onze leden doen anoniem mee, maar de uitkomsten bespreken we gezamenlijk.”

Dings hamert erop dat in een actieplan om verspilling tegen te gaan het draait om transparantie, duidelijke keuzes maken en benchmarken. “Kies je namelijk voor een vergister om verspilling tegen te gaan, dan investeer je in een dure installatie die 10-15 jaar moet renderen. De kans dat er nog prima eetbare producten in de vergister gaan, is dan groter. Maak daarom duidelijke keuzes. En focus erop dat de hoofdregel moet zijn dat producten die nog voor consumptie geschikt zijn, daar ook voor moeten worden gebruikt. Lukt dat niet, kijk pas dan naar alternatieven als een vergister of verwerking in bijvoorbeeld bioplastics.”

Voedselbanken

Henk Staghouwer is sinds dit jaar voorzitter van de Vereniging van Voedselbanken NL (VvV). Ons lands telt 179 voedselbanken met 10 distributiecentra. “We zijn eigenlijk een kleine supermarktorganisatie”, zegt Staghouwer. De voormalig bakkerijondernemer wijst erop dat de 14.000 vrijwilligers die actie zijn voor de VvV zo’n 180.000 ‘klanten’ bedienen. “Dat is dus substantieel. Ons doel is om ervoor te zorgen dat zoveel mogelijk overgebleven voedsel bij deze klanten terechtkomt.”

Staghouwer is een groot voorstander van het voorkomen van verspilling en hij merkt dat de retail er ook steeds bewuster mee bezig is. “We krijgen 20% minder voedsel binnen via de supermarkten omdat ze beter op waste letten. Prima!  Er blijft nog genoeg over voor de voedselbanken. We merken dat we nog steeds nieuwe reststromen vinden.”

‘Vanzelfsprekend maken’

“De Stichting Samen Tegen Voedselverspilling is een erg waardevolle katalysator van het op gang brengen van de transitie om het tegengaan van verspilling vanzelfsprekend te maken en structureel in te bedden binnen organisaties”, aldus Sally Hoffer van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit. “Als ‘beleidsfluisteraar’ speelde Philip (den Ouden, HW) daarin een belangrijke rol op het ministerie om dat ook daar op de agenda te krijgen en te houden.” Hoffer roemt de bevlogenheid van Den Ouden en hoopt dat een initiatief als de verspillingsvrije week zich verder ontwikkeld. “Nu deden er 175 partners mee: prachtig, maar dat kunnen er nog veel meer zijn!” Scheidend voorzitter Den Ouden beaamt dat. “Waarom maken we er geen maand van?”

Meten standaardiseren

Om het meten en managen van verspilling verder tegen te gaan, neemt STVV het initiatief om een normering in het leven te roepen. Een speciale commissie onder aanvoering van Jeske Bleeker is hiermee bezig. Zij is van de NEN: de instantie in Nederland die normeringen mee samenstelt door afspraken hierover te begeleiden. Het gaat dan om producten, werkwijzen en diensten. “Om het meten en rapporteren van verspilling te standaardiseren”, noemt Bleeker de reden van het inrichten van het zogeheten Food Loss & Management Systeem. “Met als doel: het verkrijgen van inzicht.”

Een andere slag die Samen Tegen Voedselverspilling maakt, is het oprichten van de Coalitie Houdbaarheid. Programma Manager Karin Roosen vertelt dat het er daarbij vooral om gaat om consumenten beter te laten begrijpen wat houdbaarheid is. “Is een pak yoghurt drie dagen na de THT-datum nog eetbaar? Kijken, ruiken en proeven helpt dan al. Een THT-datum is niet heilig, dus gooi je product na die datum niet meteen weg”, is haar oproep.

THT: hoe zit dat?

De Coalitie werkte aan het ontwikkelen van icoontjes die de consumenten moeten helpen te bepalen wanneer iets nog eetbaar is. “Een THT-datum zetten op een pak zout of een fles azijn is onzin. Omdat dergelijke producten niet bederven. Dat geldt ook voor koffie, thee of pasta. We werken eraan om anders om te gaan met een THT-melding. Ook zo ga je verspilling tegen.”

Boeren aansluiten

Philip den Ouden hamert er in zijn afscheidsspeech nog maar eens op dat als voeding nog geschikt is voor consumenten, het daar ook voor gebruikt moet worden. Verder roept hij boerenorganisaties op zich ook aan te sluiten bij de stichting. “We willen ketenbreed werken: van boer tot bord. Zo kunnen we maximaal impact maken!” Ook richt hij zich tot de overheid: “Maak ander beleid en ontmoedig onnodige verspilling van grondstoffen.” Al beseft hij dat dat niet altijd makkelijk is: “Als er nog geen paden zijn, maak ze dan door te gaan wandelen”, haalt hij een quote van een Spaanse dichter aan. En tot slot aan alle aanwezigen: “Dus, moedig voorwaarts!”

Gerda Verburg neemt de voorzittershamer over van Den Ouden. In haar woordje is ze duidelijk over wat ze wil bereiken: de stichting verder uitbouwen. Dat wil ze doen door de thema’s duurzaamheid en gezondheid aan elkaar te koppelen. “Die twee kun je wat mij betreft niet los van elkaar zien”, trapt ze af. Verder wil Verburg zich er hard voor maken om de voedingsmiddelenketen meer samen te laten op trekken. “De foodsector is nu veel te gefragmenteerd”, stelt ze. “Dan kun je geen potten breken.” 

Gunnen

“In het ketenbreed optrekken moet je elkaar wat gunnen om elkaar te kunnen vasthouden”, vindt de voormalig bewindsvrouw, die de afgelopen 12 jaar in het buitenland werkte en nauw betrokken was bij duurzame voedselprojecten. “Het voorkomen van verspilling staat daarbij voorop.”

De komende tijd wil Verburg binnen Samen Tegen Voedselverspilling bouwen aan een concrete actie-agenda waarin duidelijke doelen worden gesteld. Maar waar ook een antwoord wordt gegeven op de vraag hoe die doelen moeten worden bereikt. Met elkaar. “Laten we vooral kijken naar wat wél kan, en niet naar wat niet kan. Dat is hoe ik het liefste werk. Inspireer elkaar!”, roept ze op.

Verburg eindigt haar speech door te zeggen dat behaalde successen moeten worden gevierd. “Stel hoofddoelen en subdoelen. Elk behaald doel is een moment om te vieren. Dat geeft energie!”

Tekst en foto’s: Hilco Wagenaar

Schrijf je in voor de nieuwsbrief

Volg ons op Facebook, Instagram en LinkedIn